Straffen gevaarlijk rijgedrag

Voor gevaarlijk rijgedrag worden doorgaans niet hele zware straffen opgelegd. Naar wettelijke omschrijving kan er voor gevaarlijk rijgedrag maximaal een hechtenis worden opgelegd voor de duur van twee maanden of een geldboete van de tweede categorie (€ 3.800,00).

Strafbeschikking

In de meeste gevallen wordt voor gevaarlijk rijgedrag (veroorzaken van gevaar op de weg) een strafbeschikking worden opgelegd. Een strafbeschikking is een buitengerechtelijke wijze van afdoening van de strafzaak. U hoeft dan niet eerst voor de (kanton)rechter te verschijnen. U krijgt meestal een geldboete. Als u de geldboete betaalt, bent u verder van de zaak af. Wel moet u rekening houden met het feit op uw justitiële documentatie komt te staan. Wanneer u niet tijdig in verzet gaat tegen de strafbeschikking, impliceert dit een erkenning van schuld.

Wanneer u het niet eens bent met de opgelegde strafbeschikking, dient u binnen 14 dagen een verzetschrift in te dienen bij het parket/CVOM. De adresgegevens waar u het verzetschrift naar toe moet sturen, vindt u op de strafbeschikking zelf. Het verzetschrift is vormvrij. U mag zelf bepalen hoe u het verzetschrift indeelt, en wat u erin zet, zolang u maar duidelijk aangeeft waarom u het niet eens bent met de opgelegde strafbeschikking en dit zo mogelijk onderbouwt.

> Meer informatie over strafbeschikkingen

Geldboete

In de meeste gevallen zal een geldboete als straf worden opgelegd voor overtreding van artikel 5 WVW. De geldboete kan qua hoogte variëren tussen de € 100,00 en € 1.000,00. Hogere geldboetes zijn zeldzaam. In de meeste gevallen zien we dat een geldboete van ongeveer € 500,00 wordt opgelegd. De hoogte varieert echter afhankelijk van de ernst van de overtreding. In sommige gevallen kan ook een werkstraf worden opgelegd, maar dat zien we enkel in een achtervolgingssituatie. 

Ontzegging van de rijbevoegdheid (OBM)

Als bijkomende straf kan de rechter een ontzegging van de rijbevoegdheid opleggen.  De maximale duur van de ontzegging van de rijbevoegdheid bedraagt 2 jaren. Bij recidive is de maximale duur 4 jaren.

> Meer informatie over de rijontzegging

Straffen na verkeersongeval

Het Openbaar ministerie hanteert een richtlijn voor straffen voor verkeersongevallen waarbij een norm van het RVV 1990 of  de Regeling voertuigen is geschonden of artikel 5 WVW 1994 is overtreden en waarbij de verdachte een proces-verbaalwaardig gedrag heeft tentoongespreid.

Uitgangspunt bij deze verkeersongevallen is dat er geen aanleiding is om in het algemeen in de straftoemeting te differentiëren naar gepleegde overtreding en/of veroorzaakt gevolg. Het door verdachte veroorzaakt gevolg wordt immers vaak bepaald door de kwetsbaarheid van het slachtoffer, de keuze van het voertuig of de degelijkheid van het betreffende voertuig.

Omdat de strafrechtelijke reactie in deze categorie verkeersongevallen slechts een algemeen corrigerend karakter heeft, is gekozen voor een enkel tarief. Dit tarief is vanwege het feit dat het gedrag van de verdachte daadwerkelijk een verkeersongeval tot gevolg heeft gehad hoger dan de meeste tarieven die gelden voor de in het RVV 1990 opgenomen bepalingen, die veelal bij een verkeersongeval worden overtreden.

Categorie verdachte

First offender

Recidive

Ruiters, voetgangers die zich op wielen voortbewegen (step, skates e.d.) fietsers of bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met motor

GB € 150

GB € 300

Brom- en snorfietsers

GB € 300

GB € 450 + 2 tot 5 mnd OBM ov

Bestuurder motorvoertuig op twee of meer wielen

GB € 450

GB € 550 + 2 tot 5 mnd OBM ov

Bestuurder motorvoertuig op twee of meer wielen of een brom- of snorfietser waarbij sprake is van:

a. een dodelijk slachtoffer en/of

b. ernstig letsel

Dagvaarden

Eis: GB tussen € 700 en € 1400 en

1 tot 3 mnd OBM ov

Dagvaarden

GB tussen € 1400 en € 2800 en

3 tot 6 mnd OBM ov

Bron: richtlijn verkeersongevallen