Alleen weigering alcoholonderzoek / drugsonderzoek bij voldoende verdenking

Van een strafbare weigering van de verplichte medewerking aan een alcoholonderzoek of drugsonderzoek kan pas sprake zijn bij voldoende verdenking.

Verdenking bij alcoholonderzoek

Alvorens pv op te maken voor weigering moet er voldoende verdenking zijn om het bevel tot medewerking aan de ademanalyse of het bloedonderzoek te geven.

Bij een A of F als resultaat op het voorlopig ademonderzoek (dan wel een P/A, A of F bij een BB-er), is sprake van voldoende verdenking.
Dat geldt ook wanneer er geen voorlopig ademonderzoek is verricht en de politie ademalcohol ruikt of voor het stopteken slingerend rijgedrag constateerde en verder is voldaan aan de zogenaamde trias alcoholica kenmerken, zoals praten met dikke tong, bloed doorlopen ogen en een onzekere gang.
Het enkele feit dat de betrokkene bij een controle niet heeft meegewerkt aan het voorlopig (adem)onderzoek is onvoldoende voor die verdenking (dit levert een muldergedraging op (feitcodes K155 a t/m c)).
Bij een weigering van het bloedonderzoek ter zake alcohol volgt invordering van het rijbewijs. Weliswaar is de weigering geen afzonderlijke inhoudingsgrond, maar is inhouding van het rijbewijs toch mogelijk bij recidivegevaar, wanneer de ademtest een F- indicatie geeft dan wel een ernstig vermoeden bestaat dat het AAG hoger is dan 570 ug/l respectievelijk 350 ug/l.

Voldoende verdenking bij drugsonderzoek

Evenals bij alcoholgebruik in het verkeer, moet, voordat proces-verbaal kan worden opgemaakt voor weigering van het bloedonderzoek, sprake zijn van voldoende verdenking om het bevel tot medewerking aan het bloedonderzoek te kunnen geven.
Daarvoor is de positieve uitslag van de speekseltest bepalend dan wel van belang dat het formulier ter zake de waarnemingen omtrent de pmt goed en volledig wordt ingevuld en in het pv wordt opgenomen dat aan de hand van de toelichting daarop wordt gecontroleerd of de interpretatie van het gedrag zodanig is dat sprake is van verdenking. Tussen ervaren en beginnende bestuurders wordt -anders dan bij alcohol- geen onderscheid gemaakt. 0,2 BAG geldt generiek voor alle bestuurders in het geval van combinatiegebruik met drugs en alcohol.
Bij een weigering van het bloedonderzoek i.v.m. drugs- of combinatiegebruik van drugs met alcohol, volgt invordering van het rijbewijs, maar weigering vormt geen zelfstandige inhoudingsgrond. Wanneer bij de ademtest een F is geblazen (zie hierboven) dan wel een ernstig vermoeden bestaat dat het AAG hoger is dan 570 ug/l respectievelijk 350 ug/l of sprake is van recidivegevaar is inhouding wel mogelijk.
Het enkele feit dat de betrokkene bij een controle niet heeft meegewerkt aan het voorlopig speekselonderzoek of het pmt, is onvoldoende voor verdenking (dit levert een muldergedraging op K 155 a t/m c). Wanneer is geconstateerd dat opvallend afwijkend is gereden (verschillen in snelheid, langzaam rijden, slingeren) en de verdachte in het bezit is, of ruikt naar en verklaart over gebruik van verdovende middelen, zijn ook deze gegevens van belang voor de verdenking.

Direct contact met een advocaat?
Meld gratis en vrijblijvend uw zaak aan.
Zaak aanmelden