Gebruik veegwagen zonder beschermende delen is overtreding art. 5 WVW

Het betreft een verkeersongeval veroorzaakt door een veegmachine. In de praktijk blijkt dat deze zonder afscherming en zonder waarschuwingsborden gebruikt worden, in deze uitspraak wordt geoordeeld dat dat een overtreding in de zin van art. 5 WVW is (Rechtbank Den Haag, 19 juni 2013,ECLI:NL:RBDHA:2013:CA3868).

Overwegingen rechtbank

De rechtbank dient ten aanzien van het subsidiair ten laste gelegde feit de vraag te beantwoorden of verdachte, door te handelen als hiervoor onder 3.1 vastgesteld, gevaar op de weg heeft veroorzaakt.

De rechtbank heeft al vastgesteld dat verdachte op de veegmachine heeft gereden, terwijl de stalen veegborstel niet was afgeschermd. De officier van justitie heeft betoogd dat hij hiermee de Regeling voertuigen heeft overtreden.

Artikel 5.7.48, leden 1 en 2 van de Regeling voertuigen luiden:

1. Motorrijtuigen met beperkte snelheid mogen geen scherpe delen hebben die in geval van botsing gevaar voor lichamelijk letsel voor andere weggebruikers kunnen opleveren.

2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid moeten uitstekende delen van motorrijtuigen met beperkte snelheid, die in geval van botsing het gevaar voor lichamelijk letsel voor andere weggebruikers aanzienlijk kunnen vergroten, zijn afgeschermd.

De rechtbank is van oordeel dat de veegarm waaraan de stalen veegborstel is bevestigd, een uitstekend deel van de veegmachine is en dat deze arm met stalen veegborstel in geval van botsing het gevaar voor lichamelijk letsel voor andere weggebruikers aanzienlijk kan vergroten. Dit brengt met zich mee dat op grond van lid 2 van artikel 5.7.48 van de Regeling voertuigen de veegarm afgeschermd had moeten zijn.

De rechtbank heeft hiervoor al vastgesteld dat verdachte geen tijdelijke maatregelen heeft genomen om het verkeer te waarschuwen dat hij met de veegmachine op het fietspad reed. Hiermee heeft verdachte weliswaar geen verkeersregel overtreden, maar door dit niet te doen, heeft verdachte (in ieder geval in de onoverzichtelijke bocht) een gevaarlijke situatie op het fietspad veroorzaakt.

De rechtbank heeft ook al vastgesteld dat verdachte tegen de rijrichting in heeft gereden, terwijl het zicht daar door struikgewas werd belemmerd. Vast staat dat dit gedrag tot gevolg heeft gehad dat hij niet zichtbaar was voor [slachtoffer]. Zodoende is deze tegen de veegmachine gebotst en ten val gekomen, waarbij hij lichamelijk letstel heeft opgelopen.

Het feit dat het in de praktijk kennelijk gebruikelijk is om met een onbeschermde stalen veegborstel te werken, tegen de richting in te rijden en de weg daarbij niet af te zetten, doet aan het hiervoor overwogene niets af. Juist de combinatie van deze drie factoren heeft in deze zaak geleid tot een gevaarlijke situatie, welke in het leven is geroepen door verdachte. Dit risico heeft zich ook verwezenlijkt, als gevolg waarvan [slachtoffer] zeer ernstig lichamelijk letsel heeft opgelopen. Dat hij de veegmachine mogelijk mede vanwege zijn handicap (doofheid) pas in een (te) laat stadium heeft waargenomen, neemt het gevaarzettend karakter van verdachtes handelen niet weg.

< Terug naar Meer informatie gevaarlijk rijgedrag
Direct contact met een advocaat?
Meld gratis en vrijblijvend uw zaak aan.
Zaak aanmelden