Dexamfetamine in bloedonderzoek politie
Bij gebruik van dexamfetamine kan in het bloedonderzoek van de politie wel een verhoogde uitslag op amfetamine worden vastgesteld.
Het ADHD-medicijn dexamfetamine kan er voor zorgen dat je bloedwaarden positief zijn op amfetamine. Let op dat daarbij dan geen sprake kan zijn van MDMA en/of MDA (en andere vormen van amfetamine zoals methamfetamine) in het bloed. Wanneer dat wel gevonden is komt de amfetamine in het bloed hoogstwaarschijnlijk niet van dexamfetamine, maar is het (een afbraakproduct) van andere drugs.
Om te bepalen of de amfetamine in iemands bloed nog als therapeutisch is te zien of niet (en daarmee dus niet strafbaar) moet je kijken naar de dosering die staat op zijn recept. Voor het gemak kan je deze formule gebruiken om tot de maximale toegestane hoeveelheid microgram amfetamine per liter bloed te komen:
x * 5,325 waarbij x de hoeveel mg is die iemand dagelijks aan dexamfetamine slikt.
Dus als voorbeeld, als iemand 4 keer per dag 20 mg dexamfetamine slikt is de formule: (4 * 20) * 5,325 = 426 µg/L. Dat betekent dat die persoon maximaal 426 µg/L amfetamine in zijn bloed kan hebben, om zijn bloedwaardes nog als therapeutisch aan te merken.
Let op: bij methylfenidaat geen positieve bloeduitslag
Amfetamine komt niet voor in geneesmiddelen die methylfenidaat of atomoxine als werkzaam bestanddeel hebben. Het gaat dan om geneesmiddelen als Concerta, Equasym, Kinecteen, Medikinet, Ritalin, Audalis en Strattera.
Dat betekent dat de uitslag van het bloedonderzoek niet beïnvloed kan worden door het gebruik van een van die geneesmiddelen. Dat komt doordat die geneesmiddelen een andere chemische structuur hebben dan amfetamine.
Bij het gebruik van deze geneesmiddelen zal het bloedonderzoek van de politie niet positief zijn voor de andere amfetamine-achtige stoffen als MDMA, MDA, MDEA en methamfetamine.
Dexamfetamine en strafrecht
Mocht u toch worden vervolgd voor het rijden onder invloed van dexamfetamine, dan kunnen we hier vaak toch goed verweer op voeren. U kunt ontslag van rechtsvervolging bepleiten, mits de aangetroffen hoeveelheid binnen de voorgeschreven dosering valt.
Een voorbeeld van een niet geslaagd verweer treft u hier:
- rechtbank Overijssel, 13 oktober 2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:6038:
“De rechtbank overweegt het volgende. Uit het door de raadsman overlegde deskundigenbericht volgt dat bij een dagelijkse dosering van viermaal 20 mg dexamfetamine de maximale piekconcentratie 426 microgram amfetamine per liter bloed is. Bij de dosering dexamfetamine die verdachte gebruikte, te weten 40 mg dexamfetamine per dag, is de maximale piekconcentratie 213 microgram per liter bloed. In het bloed van verdachte is 270 microgram amfetamine per liter bloed aangetroffen. Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat de uitslag van het bloedonderzoek niet kan worden verklaard door uitsluitend het gebruik van medicatie. Het verschil tussen beide hoeveelheden is bovendien hoger dan de te hanteren grenswaarde van 50 microgram. Het verweer wordt daarom verworpen.”
U leest hier dat het verweer alleen is gestrand omdat het gehalte dat was aangetroffen uiteindelijk hoger uitviel
Werkwijze bij vaststelling dexamfetamine in bloed
Het rijden onder invloed van medicatie, zoals dexamfetamine, is al aan de orde gekomen in de parlementaire stukken, waarbij het gaat om de strafbaarstelling hiervan via artikel 8 lid 5 WVW. Het gaat om de volgende stukken:
- Aanhangsel Handelingen II 2017/18, nr. 303;
- Brief van de Minister van Justitie en Veiligheid van 5 maart 2021 (Kamerstukken II 2020-21, 29398, nr. 902); en
- Brief van de Minister van Justitie en Veiligheid van 31 mei 2021(Kamerstukken II 2020-21, 29398, nr. 941).
De Gezondheidsraad heeft blijkens Aanhangsel Handelingen II 2017/18, nr. 303 het standpunt ingenomen dat het gebruik van psychostimulantia – waaronder ook dexamfetamine valt – iemand ongeschikt maakt om te rijden. Daarbij is het nog het volgende opgemerkt: “Een uitzondering is mogelijk voor zover psychostimulantia in therapeutische dosering gebruikt worden voor de behandeling van ADHD bij volwassenen, narcolepsie of pathologische hypersomnolentie en indien er geen rijgevaarlijke bijwerkingen zijn”1.
Bij de behandeling van het wetsvoorstel drugs in het verkeer is de vraag onder ogen gezien of voor het rijden onder invloed van drugs onderscheid moet worden gemaakt tussen recreatief of medisch gebruik van de middelen als bedoeld in het vijfde lid van artikel 8 van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994), waaronder dexamfetamine. Een dergelijk onderscheid is daarbij niet gemaakt vanuit de gedachte dat het gaat om de verkeersveiligheid en niet om de reden van het gebruik.
In voornoemde brief van 5 maart 2021 staat over de strafbaarstelling het volgende: “Sinds 1 juli 2017 zijn gebruikers van medicinale cannabis, morfine en dexamfetamine die deelnemen aan het verkeer strafbaar als de concentratie in het bloed boven de grenswaarden komt, die zijn opgenomen in het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer (hierna: het Besluit).”
De betrokken ministers van Medische Zorg, Welzijn en Sport, Infrastructuur en Waterstaat en de Justitie en Veiligheid hebben op instigatie van de Tweede Kamer onderzocht of een uitzondering op de strafbaarstelling voor medicijngebruikers mogelijk is. Zij zijn tot de conclusie gekomen dat vanwege de geringe omvang van de problematiek en de complexiteit van het onderwerp het aanhouden van de huidige werkwijze van politie en openbaar ministerie de beste optie is.
Deze werkwijze houdt in dat wanneer iemand positief test met betrekking tot een van de middelen van artikel 8, vijfde lid WVW94 en de verdachte aangeeft dergelijke medicatie te gebruiken, de politie dit verbaliseert in het proces-verbaal. In dat geval zal het openbaar ministerie – zodra uit de analyse van het bloed van een medicijngebruiker blijkt dat sprake is van een strafbare concentratie – verdachte de gelegenheid bieden zijn recept op te sturen, waarna het Nederlands Forensisch Instituut (hierna: NFI) wordt gevraagd of de aangetroffen concentratie van de rijgevaarlijke stof in het bloed van een verdachte past binnen de therapeutische range van de voorgeschreven dosering en wat de effecten daarvan zijn op de rijvaardigheid. Het openbaar ministerie zal vervolgens met inachtneming van deze en alle overige feiten en omstandigheden, waaronder bijvoorbeeld het rijgedrag van een verdachte, beoordelen of vervolging opportuun is.
Het is in strafzaken belangrijk dat steeds de door de minister genoemde werkwijze wordt gevolgd om duidelijkheid te krijgen ten aanzien van de vraag of de amfetamine-achtige stoffen die in het bloed van een verdachte zijn aangetroffen passen binnen de voorgeschreven medicatie dexamfetamine..Daarvoor is het steeds noodzakelijk dat het door de minister in de beschrijving van de werkwijze genoemde onderzoek van het NFI naar het medicijngebruik van een verdachte en de invloed daarvan op zijn rijvaardigheid alsnog zal worden verricht, vlg ook ECLI:NL:GHARL:2021:5977.